Zondag 25 augustus: Hoe een 78-jarige legende samen met haar twee zussen het Concertgebouw betoverde.

Aan West Grand Boulevard in Detroit – ook wel bekend als Berry Gordy Jr. Boulevard – is muziekgeschiedenis geschreven. In de twee woningen die ooit dienden als de thuishaven van het legendarische platenlabel Motown is tegenwoordig het Motown Museum gevestigd. Het museum behoort tot de topattracties van de stad.

Hoogtepunt van een rondleiding door het Motown Museum vormt een bezoek aan Studio A: de plek waar meer dan een halve eeuw geleden tientallen hits werden opgenomen. Zanger Marvin Gaye bracht in de opvallend kleine ruimte soms zoveel tijd door dat hij te moe was om naar huis te gaan en op de eerste etage, waar de familie Gordy woonde, in slaap viel op de bank. In de controlekamer vallen de versleten vloeren overigens nog altijd op, ontstaan doordat producers vroeger enthousiast meedansten met de muziek. En bij de ingang van studio staat nog steeds het oude bureau van de receptie waar Martha Reeves (geboortejaar 1941) werkte voordat ze werd ontdekt als zangeres en met haar Vandellas een gouden periode beleefde.

In het voorjaar van 1963 bestormt de groep ‘Martha & The Vandellas’ met het nummer ‘Come and Get These Memories’ voor het eerst de top 40. En enkele maanden later scoren de drie jonge dames zelfs de grootste Motown-hit tot dat moment: ‘Heat Wave’. Kort daarop volgt het iconische ‘Dancing in the Street’. Berry Gordy rekent het lied – dat in 1985 gecoverd wordt door niemand minder dan Mick Jagger en David Bowie – tot een van zijn meesterwerken: ‘My goal to hook people in the first twenty seconds was never accomplished better.’

Dat de video bij het nummer ‘Nowhere to Run’ (zie hierboven) in 1965 in de Rouge fabriek van de Ford Motor Company wordt opgenomen, waarbij de volledige productielijn van een Mustang in beeld wordt gebracht, is voor de succesvolle meidenband uit de Motor City niet meer dan logisch. Twee jaar later breken er in de zomer van 1967 – het jaar waarin de groep een hit scoort met ‘Jimmy Mack’ – hevige ongeregeldheden in Detroit uit. Een optreden van Martha & The Vandellas in het centrum van de stad moet worden stopgezet. ‘We were onstage at the Fox Theater in Detroit, when word reached us that rioting had broken out. We had to stop the show and tell our audience to go home at once,’ herinnert Reeves zich. ‘From that show we were ushered to a local radio station, where we stayed on the radio for almost 24 hours straight. We took calls from listeners and spoke to the people of Detroit. I hope we did some good; the people of Detroit held us in high regard and I hope they listened to what we had to say.’

Ieder jaar organiseert het Concertgebouw in samenwerking met de BankGiro Loterij een serie Zomerconcerten met als doel een breder publiek te trekken. En in dat kader stond op dinsdag 20 augustus de inmiddels 78-jarige Martha Reeves in een uitverkochte Grote Zaal (capaciteit: 1974 plekken). Niet alleen, maar geflankeerd door haar zussen Lois (groepslid sinds 1967) en Delphine (groepslid sinds 1980). Omringd door de namen van grootheden uit de klassieke muziek als Bach en Chopin, aangebracht op de wanden en balkons van de zaal, maakte het trio uit Detroit (gezamenlijke leeftijd: 200+) er onder begeleiding van een swingende band een magische avond van.

De soulvolle vertolking van de Jackie Wilson-hit ‘(Your Love Keeps Lifting Me) Higher and Higher’ bezorgt mij al vroeg in de show kippenvel. En ook de eerbetonen aan Marvin Gaye en Aretha Franklin (die haar enige Nederlandse concert in 1968 in het Concertgebouw gaf) dringen diep door in het hart. Maar de echte hoogtepunten vormen toch de songs van de groep zelf. De liedjes die ik de afgelopen jaren tijdens mijn trips naar Detroit op mijn playlist had staan. En afspeelde terwijl ik door de Motor City fietste, in de lokale bussen zat of over West Grand Boulevard langs ‘Hitsville U.S.A.’ liep. Bijzonder om dit alles mee te mogen maken. Zeker omdat ik in het gezelschap ben van mijn moeder (officiële naam Martha, I kid you not) en broertje, en ook omdat dit jaar het 60-jarig jubileum van Motown wordt gevierd.

De dames zijn ontzettend goed bij stem en ze weten bij ‘Jimmy Mack’ het publiek voor het eerst uit de stoelen te krijgen. Even later wordt er ook bij ‘Heat Wave’ volop gedanst, iets wat niet gebruikelijk is voor het sjieke Concertgebouw. Het optreden wordt na zo’n 90 minuten afgesloten met, hoe kan het ook anders, ‘Dancing in the Street.’ ‘Callin’ out around the world. Are you ready for a brand new beat?’ galmt het door de zaal.

Tijdens de ‘meet and greet’ na afloop vertelt Reeves mij over haar werk als gemeenteraadslid in Detroit. En als ik haar vraag wat de stad voor haar betekent is ze glashelder: ‘It’s my love. My live.’ Vervolgens tekent ze het t-shirt dat ik in 2014 in het Motown Museum kocht: ‘Love, soul and bliss. Martha Reeves.’

En nu zit ik dus met de vraag of ik een van mijn lievelingsshirts moet wassen of inlijsten?

Mijn oordeel: 9/10

Gezien: dinsdag 20 augustus 2019, Het Koninklijk Concertgebouw, Amsterdam.

Zondag 11 augustus: Toch niet de hoogste?

Dankzij de successen van autoproducenten als Ford ontwikkelt Detroit zich in de eerste helft van de vorige eeuw tot een van de grootste en belangrijkste steden in de VS. Rond 1950 heeft de Motor City zelfs het hoogste inkomen per hoofd van het land. De bevolking is bovendien in vijftig jaar tijd met een factor zes gegroeid tot een top van bijna twee miljoen inwoners.

Het op een na grootste warenhuis in de wereld – alleen het befaamde Macy’s in New York was groter – stond in die tijd in Detroit: J.L. Hudson’s Department Store (zie bovenstaande ansichtkaart). Voor generaties Detroiters was Hudson’s de plek bij uitstek om bijvoorbeeld inkopen te doen voor kerst. Het gebouw telde 17 verdiepingen, had 51 liften, er waren vijf restaurants en meer dan 200 verschillende afdelingen. Hudson’s was een stad op zich waar in de hoogtijdagen 10.000 mensen werkten en 100.000 klanten elke dag voor in totaal meer dan een miljoen dollar uitgaven. Tijdens de door het warenhuis georganiseerde Thanksgiving Day Parade stonden de stoepen van downtown Detroit ieder jaar vol met honderdduizenden enthousiaste toeschouwers.

In de tweede helft van de 20e eeuw wordt het warenhuis door Detroit echter meegesleurd in zijn val. Als de stad leegloopt, de auto-industrie instort en de bewoners van de voorsteden hun inkopen gaan doen in splinternieuwe winkelcentra gaat het iconische warenhuis in 1983 failliet. En vijftien jaar later wordt het gebouw gesloopt.

In het voorjaar van 2015 meldt zakenman en miljardair Dan Gilbert (zie de bovenstaande foto) grootse plannen te hebben met het gapende stuk grond. Gilbert wil er een wolkenkrabber bouwen die in 2020 moet worden opgeleverd en die de hoogste van de stad moet worden. ‘Our goal is that this project will become not only a symbol of Detroit’s past and present, but more importantly, highlight the high-tech potential, creative future of opportunities for Detroiters and visitors from around the world,’ aldus Gilbert. Eind 2017 wordt begonnen met de werkzaamheden.

Afgelopen week bleek echter dat 2020 niet gehaald zal worden en de hoogte van het gebouw mogelijk aangepast zal worden. In plaats van alleen maar appartementen, zal de toren volgens bijgestelde plannen in 2023 ook plaats bieden aan een hotel. Joe Guziewicz, verantwoordelijk voor de bouw, weet nog niet zeker of het gebouw hoger zal worden dan de hoogste wolkenkrabber in Detroit op dit moment: het hoofdkantoor van General Motors, het Renaissance Center (zie bovenstaande foto): ‘Is it going to be the tallest building? Possibly. … Until we settle with an (hotel) operator, it’s just going to be really difficult to project what that final height’s going to be.’ Wat in ieder geval wel zeker is: een eerder gepland publiek observatiedek komt er niet meer.

Meer lezen?
https://www.freep.com/story/money/business/john-gallagher/2019/08/07/hudsons-detroit-tallest-building/1943037001/
https://www.detroitnews.com/story/news/local/detroit-city/2019/08/07/hudsons-site-tower-may-not-be-tallest-in-michigan/1926731001/

Zondag 21 juli: Revitalisering ‘Avenue of Fashion’ loopt gevaar

In 2013 start de Detroit Economic Growth Corporation (DEGC) onder het motto ‘Shop. Dine. Explore’ een campagne om een deel van Livernois Avenue (grofweg tussen 7 en 8 Mile Road) in oude glorie te herstellen. Deze winkelstraat in het noordwesten van Detroit was in vroegere tijden een bruisende verkeersader die bekendstond als de Avenue of Fashion. Ondersteund door de DECG beginnen verschillende ondernemers ‘pop-up’ zaken en nemen kunstenaars de inrichting van een aantal tijdelijke galerieën op zich. Op de feestelijke opening van de commerciële corridor komen in september 2013 duizenden mensen af.

Begin 2015 opent Kuzzo’s Chicken and Waffles de deuren in de straat. Drijvende kracht achter het restaurant is oud-Detroit Lions-speler Ron Bartell. Bartell groeide op in de buurt en zijn twee ooms hebben een kledingzaak in het gebied. ‘I just felt like it was a strong area,’ verklaart hij zijn keuze voor Livernois Avenue. ‘Everything is going on Downtown and Midtown and even Corktown. But the heart of the city, the pulse of Detroit, are the neighborhoods.’ Bartell gelooft in de wederopstanding van Detroit. Maar tegelijkertijd ziet hij ook dat de recente welvaartstoename in delen van de stad aan veel zwarte Detroiters voorbij dreigt te gaan. ‘That’s why things like Kuzzo’s are important … being able to employ other African-Americans in a black-owned business in a predominantly black neighborhood.’

Een half jaar later na de opening van Kuzzo’s bezoek ik de Avenue of Fashion voor het eerst. En na alle jubelverhalen valt het mij eerlijk gezegd een beetje tegen. Er is opmerkelijk veel leegstand en een groot deel van de winkels houdt een ‘liquidation sale’. Ik heb met een Detroitse kennis die in de wijk is opgegroeid afgesproken bij Kuzzo’s. Vol verbazing ziet hij hoe twee tafels in het restaurant worden bezet door witte Amerikanen. ‘Now that’s something you didn’t see in my days.’

Kuzzo’s is vanaf de start een daverend succes. Op vrijwel elk moment van de dag zit het vol, en eigenlijk is het restaurant het pand binnen de kortste keren al ontgroeid. Eigenaar Bartell: ‘That’s a good problem to have.’ Aanvankelijk hoopte hij na een jaar een omzet te draaien van één miljoen dollar met 25 werknemers. Begin 2016 blijkt echter dat de opbrengst over 2015 twee miljoen dollar bedraagt, en er 50 mensen bij Kuzzo’s werken. Volgens Bartell gaat het ook met Livernois Avenue voorspoedig. ‘I bought properties in 2011 that I paid very little for,’ zegt hij tegen een lokale krant. ‘Now I see properties in the same area going for three times as much.’ Bartell is op dat moment druk bezig de panden die hij in de straat bezit te renoveren. ‘The goal is to provide retail space for other ‘small’ businesses that fit in with the vision that we have for The Avenue of Fashion.’ Het gebied krijgt in de lente van 2017 een extra boost als de populaire fastfoodketen Bucharest Grill er een vestiging opent.

Afgelopen week meldde Bartell opmerkelijk nieuws: Kuzzo’s zal in augustus de deuren sluiten voor renovatiewerkzaamheden die tot november zullen duren. Oorspronkelijk zou de zaak veel korter dichtgaan, maar ingrijpende wegwerkzaamheden aan Livernois Avenue hebben tot dit besluit geleid. ‘That construction is causing issues for everyone,’ aldus Bartell. De wegindeling van de Avenue of Fashion wordt gewijzigd, er komen bredere stoepen, nieuwe verlichting en fietspaden. ‘The Livernois Streetscape project represents a significant opportunity to create a more pedestrian-friendly retail destination in one of the city’s most historic and important commercial corridors,’ verklaart gemeenteraadslid Roy McCalister. ‘I applaud the efforts of the city’s planning department and especially the participation of the many residents and business people whose input was referenced as part of this new vision for Livernois.’

Door de beperkte toegankelijkheid dreigen nu echter wel verschillende ondernemers kopje onder te gaan. Zo nam de omzet van Kuzzo’s recentelijk bijvoorbeeld af met 50 procent. Het is dan ook te hopen voor de Avenue of Fashion dat de werkzaamheden snel zullen worden afgerond.

Lees hier meer:

https://www.freep.com/story/entertainment/dining/2019/07/16/kuzzos-chicken-waffles-closed-renovations-detroit/1744406001/

Zondag 14 juli: ‘We on the Lodge wit it’

Op maandag 8 juli zette de gouverneur van Michigan, Gretchen Whitmer, haar handtekening onder een wet waardoor een deel van de M-10 snelweg in Detroit (ookwel de Lodge Freeway) voortaan de ‘Aretha L. Franklin Memorial Highway’ genoemd zal worden. De legendarische zangeres groeide op in de Motor City, zong er in het gospelkoor in de kerk van haar vader en stierf er vorige zomer aan kanker. In een verklaring liet Whitmer weten dat Franklins ‘creativity and voice contributed to our musical and cultural history in Michigan.’

Een week eerder kwam de Lodge Freeway, vernoemd naar een Detroitse burgemeester uit de jaren twintig van de vorige eeuw (zie de foto hierboven), al om een geheel andere reden in het nieuws. Op de laatste vrijdagavond van juni vond er op een deel van de Lodge een incident plaats waarbij de weg werd geblokkeerd terwijl verschillende sportauto’s stunts – het draaien van ‘donuts’ – uithaalden. Toen na enkele minuten de politie arriveerde, verkozen de raddraaiers het hazenpad. Op een persconferentie die maandag daarop meldde politiecommissaris James Craig — ‘Some call it 360s, some call it drifting. I call it ridiculous behavior,’ — dat er een verdachte was gearresteerd. Zijn auto was in beslag genomen en om herhaling in de toekomst te voorkomen kondigde Craig een toename van het aantal surveillances per helikopter aan.

Ondertussen ging een filmpje van het voorval ‘viral’ (zie hieronder). ‘We on the Lodge wit it,’ schreeuwt een vrouw in de video. De slagzin veroverde binnen de kortste keren Detroit. Ben je ‘on the Lodge’ dan ben je cool. ‘Off the Lodge’ moet daarentegen opgevat worden als een belediging.

Er zijn inmiddels talloze ‘We on the Lodge wit it’-memes gemaakt. En het lokale kledingmerk ‘Detroit Vs. Everybody’ heeft een speciaal t-shirt op de markt gebracht met op de voorkant ‘We on the Lodge wit it’ en het teken van de M-10 op de achterkant.

Uiteraard heeft ook het muzikale deel van Detroit zich niet onbetuigd gelaten. Zo maakte de 30-jarige dj GoodBOI een op het incident geïnspireerde dance-mix (zie bovenstaand filmpje). En rapper GmacCash wijdde zelfs een heel liedje aan de magische kreet (zie onderstaand filmpje). ‘We on the Lodge wit it, doing doughnuts on the Lodge wit it,’ rapt hij.

Lees hier meer:

https://www.detroitnews.com/story/entertainment/music/2019/07/09/freeway-love-gov-oks-highway-honor-aretha/39667121/

https://www.freep.com/story/news/local/michigan/detroit/2019/07/03/we-on-the-lodge-wit-it-detroit-vs-everybody/1635114001/

https://www.freep.com/story/news/local/michigan/detroit/2019/07/02/gmaccash-lodge-freeway-rap-song/1632723001/

https://www.freep.com/story/news/local/michigan/detroit/2019/07/01/detroit-police-crack-down-after-cars-block-lodge-do-donuts-viral-video/1620984001/

Zondag 7 juli: Amerika’s chief marketing officer (CMO) is niet meer.

In 1982 wordt de topman van Chrysler, Lee Iacocca, door president Ronald Reagan gevraagd een fonds te leiden dat geld moet inzamelen voor de renovatie van het Vrijheidsbeeld. Iacocca accepteert de functie mede omwille van zijn ouders, Italiaanse immigranten die ooit via Ellis Island de Verenigde Staten binnenkwamen. ‘All the success I’ve had, all the jobs I’ve saved and lives I’ve influenced would never have happened if my parents had been turned away at Ellis Island.’ Er wordt uiteindelijk in totaal bijna 300 miljoen dollar voor het restauratieproject opgehaald. Iaccoca, die op maandag 2 juli in Los Angeles op 94-jarige leeftijd stierf aan de gevolgen van de ziekte van Parkinson, zou het beschouwen als de grootste prestatie in zijn leven. En dat terwijl hij toch ook aan de wieg stond van de Ford Mustang in 1964 en rond 1980 Chrysler van de ondergang redde. Iacocca was een marketinggenie die zichzelf net zo goed kon verkopen als auto’s. The Economist omschreef hem afgelopen weekend in een mooie necrologie dan ook niet zonder reden als ‘salesman-in-chief’.

Lido Anthony Iacocca wordt in 1924 geboren in Allentown, Pennsylvania. De zware crisisjaren doen hem al op jonge leeftijd het belang van financiële zekerheid inzien. Na de middelbare school behaalt Iacocca zijn bachelor aan een lokale universiteit en rondt zijn studie vervolgens als ingenieur aan de gerenommeerde universiteit van Princeton af. In 1946 bemachtigt hij een traineeship voor ingenieurs bij Ford. Omdat de zelfverzekerde twintiger het echter saai vindt, verzoekt Iacocca te worden overgeplaatst naar de marketingafdeling van de autoproducent uit Detroit. En verkoop blijkt Iacocca op het lijf geschreven. Hij weet mensen makkelijk te overtuigen, bezit de gave talentvolle ontwerpers in teams samen te brengen en introduceert als een van de eersten financieringsprogramma’s in de auto-industrie. In 1960 wordt Iacocca op 36-jarige leeftijd benoemd tot het jongste hoofd van een Ford-divisie ooit.

De definitieve doorbraak van Iacocca vindt begin jaren zestig plaats wanneer hij Henry Ford II overhaalt tot de ontwikkeling van de Ford Mustang. Deze stijlvolle, hippe en futuristische auto die appelleert aan een gevoel van vrijheid moet vooral jeugdige babyboomers aanspreken. Onderzoek had namelijk uitgewezen ‘…that there appeared no car on the market that met the spirit, the major desires of this more sophisticated, more youthful, better educated population trending toward multiple car ownership.’

De Mustang wordt op de Wereldtentoonstelling van 1964 in New York voor het eerst aan de wereld getoond. ‘This is the car we have designed with young America in mind – for, frankly, we are very much interested in serving young America,’ deelt Iacocca, die in de media wordt omschreven als de ‘hottest young man in Detroit’, en inmiddels populairder is dan zijn baas ‘The Deuce’, het publiek in de ‘Big Apple’ mee. Even later is het moment eindelijk daar: ‘Ladies and gentleman – The Mustang!’ Na de onthulling worden leden van de pers uitgenodigd deel te nemen aan een Mustang-rally naar Detroit. In een publicitaire coup van jewelste lukt het Iacocca ook de Mustang tegelijkertijd op de covers van de toonaangevende tijdschriften Time en Newsweek te krijgen. De Ford Motor Company adverteert daarnaast ook nog in duizenden kranten en haalt tevens 200 populaire dj’s naar de Motor City voor een testritje.

Als de eerste auto’s kort daarop de dealers bereiken, staan er lange rijen klanten. Om de mensenmassa onder controle te krijgen, moeten sommige zaken zelfs tijdelijk de deuren sluiten. Dankzij het enorme succes van de Mustang weet Iacocca in 1970 definitief tot de top van Ford door te dringen. De marketeer hoeft er alleen de kleinzoon van oprichter Henry Ford, Henry Ford II, nog voor zich te dulden. Na enkele jaren loopt de samenwerking tussen de twee sterke persoonlijkheden echter al op de klippen. En in 1978 wordt Iacocca door ‘The Deuce’ – ‘Sometimes you just don’t like someone’ – ontslagen. Vrijwel direct wordt hij ingelijfd door het noodlijdende Chrysler.

Chrysler is in die tijd de zwakste van de drie grote autoproducenten uit Detroit, maakt honderden miljoenen dollars verlies en balanceert op de rand van de afgrond. Iacocca kan dan ook niet anders dan hard ingrijpen. Hij snoeit in de uitgaven, roept op tot handelsbelemmeringen voor buitenlandse (vooral Japanse) concurrenten, weet met steun van de Democraten en de vakbonden 1,5 miljard dollar aan leningen van de overheid los te krijgen en introduceert de minivan: de voorloper van de SUV. Zelf verlaagt Iacocca zijn salaris naar één dollar. Het imago van de topman krijgt bovendien een extra boost door zijn rol in de agressieve reclamecampagnes van Chrysler. In het onderstaande filmpje uit 1982 daagt Iacocca bijvoorbeeld het Amerikaanse volk uit: ‘Oh, one more thing. If you can find a better car: Buy it.’

De wederopstanding van Chrysler is opmerkelijk. Onder Iacocca halveert het aantal auto’s dat de autofabrikant moet verkopen om break-even te draaien en in 1983 – zeven jaar eerder dan gepland – betaalt Chrysler de staatssteun aan de Amerikaanse overheid al terug. De winst van het bedrijf bedraagt een jaar later 2,4 miljard dollar en is daarmee groter dan de totale winst in de voorgaande 15 jaar. Op de beurs stijgt de koers van een aandeel Chrysler van minder dan één dollar in 1981 naar meer dan 22 dollar in 1987.

De populariteit van Iacocca bereikt intussen ongekende hoogten. In 1983 staat ‘The Comeback Kid’ glorieus op de cover van het tijdschrift Time, van zijn autobiografie (1984) worden uiteindelijk wereldwijd 6,5 miljoen exemplaren verkocht en in 1986 speelt hij een rol in de populaire serie ‘Miami Vice’. Een columnist uit Detroit merkt op dat Iacocca’s naam zijn baan is: I Am Chairman Of Chrysler Corporation of America. Iacocca flirt zelfs kortstondig met de politiek, maar ziet uiteindelijk af van een gooi naar het Witte Huis: ‘I’m too outspoken to be a good politician.’ In 1987 neemt Chrysler onder leiding van Iacocca de American Motors Corporation over. Hiermee krijgt de onderneming het waardevolle merk Jeep in bezit. De Jeep Grand Cherokee hoort nog altijd tot de succesnummers van de autoproducent uit Detroit.

Wanneer de VS rond 1990 worden getroffen door een recessie en de autoverkopen instorten, krijgt Iacocca voor het eerst de nodige kritiek te verduren. Door de aankoop van American Motors zou Chrysler niet over genoeg reserves beschikken om te kunnen investeren in de productie van zuinige kleine auto’s. De autoproducent behaalt in de eerste helft van 1991 een verlies van een half miljard dollar en het marktaandeel, dat midden jaren tachtig nog rond de 12 procent lag, daalt tot onder de negen procent. Als duizenden werknemers worden ontslagen en Iacocca vasthoudt aan een salaris van 20 miljoen dollar neemt de druk op Chrysler toe. En in 1992 wordt Iacocca ontslagen. De laatste reclamecampagne met hem als CEO is hieronder te zien.

In 1995 klopt Iacocca nog een keer bij Chrysler op de deur wanneer hij samen met de miljardair Kirk Kerkorian, tevergeefs, een vijandig overnamebod doet. Tien jaar later lijkt alles weer koek en ei te zijn. Voor het laatst verschijnt Iacocca in een spotje van Chrysler, samen met de rapper Snoop Dogg (zie het onderstaande filmpje). Jason Vines, oud-hoofd communicatie bij Chrysler, schreef op woensdag 3 juli op Facebook hoe het er tussen de opnames aan toe ging. ‘You know Calvin (Lee refused to call Snoop anything other than his real first name), my grandchildren are really excited that I am doing this commercial with you.’ ‘Snoop responded: ‘Well, Mr. Iacocca, my grandmother is really excited that I am doing this commercial with you.’

Met het overlijden van Iacocca neemt de wereld definitief afscheid van een tijdperk waarin Detroit de autoproductie domineerde. Iacocca was zonder twijfel een van de grootste figuren in de geschiedenis van de auto-industrie. Hij was ‘bigger than life’ en speelde langere tijd een hoofdrol bij zowel Ford als Chrysler. Lee Iaccoca wordt op woensdag 10 juli op de White Chapel Cemetery in Troy (Michigan) begraven.

Lees hier meer:
https://www.economist.com/business/2019/07/04/obituary-lee-iacocca
https://www.freep.com/story/money/cars/2019/07/02/lee-iacocca-auto-industry-legend-dies-94-chrysler-ford/3630247002/
https://www.freep.com/story/money/cars/chrysler/2019/07/02/lee-iacocca-chrysler-ford-mustang-obituary-death/1636287001/
https://www.freep.com/story/money/cars/2019/07/02/lee-iacocca-auto-industry-legend-dies-94-chrysler-ford/3630247002/
https://www.freep.com/story/money/cars/mark-phelan/2019/07/03/lee-iacocca-death-chrysler-died-obituary/1636517001/

Zondag 30 juni: David Ruffin Avenue (en de omgang met ‘schuldige kunst’)

In navolging van legendarische artiesten als Aretha Franklin en Stevie Wonder is in Detroit op vrijdag 21 juni 2019 een straat vernoemd naar soulzanger David Ruffin. Parkside Street, een boomrijke laan in het noordwesten van de stad waar het voormalige lid van The Temptations jarenlang woonde, zal vanaf nu tevens bekendstaan als David Ruffin Avenue. Bij de onthulling van het naambordje waren niet alleen de kinderen van Ruffin aanwezig, maar ook oud-Motowncollega’s als Martha Reeves (Martha and the Vandellas) en Mary Wilson (The Supremes). De ceremonie werd georganiseerd door de Rhythm and Blues Hall of Fame. ‘I’ve always been a Temptations fan, so I thought it was the right thing to do and name the street after David Ruffin,’ aldus directeur LaMont Robinson. ‘He moved on the block 50 years ago and he loved it so much. It was fitting to honor one of the greatest singers of R&B music.’

Ruffin wordt in 1941 geboren in Mississippi waar hij als jonge knul al in het kerkkoor zingt. Als tiener gaat hij zijn broer Jimmy achterna die een muzikale carrière in Detroit najaagt. Begin jaren zestig treedt Ruffin in de Motor City toe tot The Temptations. De band – die naast Ruffin bestaat uit Melvin Franklin, Paul Williams, Otis Williams en Eddie Kendricks, en onder contract staat bij het platenlabel Motown van Berry Gordy – breekt in 1964 definitief door. Na eerder al een hit gescoord te hebben met ‘The Way You Do The Things You Do’, brengen The Temptations aan het eind van dat jaar hun eerste nummer één single uit; ‘My Girl’. Het lied is door het creatieve genie Smokey Robinson geschreven als reactie op ‘My Guy’ van Mary Wells. Tot de release van ‘My Girl’ rouleren er binnen The Temptations verschillende leadzangers, maar Smokey ziet wel wat in achtergrondzanger David Ruffin: ‘I wrote ‘My Girl’ for David Ruffin’s voice.’ Het blijkt een gouden greep. ‘My Girl’ gaat miljoenen keren over de toonbank en luidt het begin in van een succesvolle periode voor de groep. Tijdens deze ‘Classic Five Era’ scoren The Temptations verschillende hits met tijdloze klassiekers als ‘Ain’t Too Proud to Beg’, ‘Get Ready’, ‘The Way You Do The Things You Do’, ‘The Girl’s Alright With Me’, ‘I’ll Be In Trouble’, ‘It’s Growing’, ‘Beauty Is Only Skin Deep’ en mijn persoonlijke favoriet (zie hieronder) ‘Since I Lost My Baby’.

Het succes eist na verloop van tijd wel zijn tol. Ruffin gaat zich bijvoorbeeld steeds arroganter opstellen, raakt verslaafd aan cocaïne en mist regelmatig repetities en optredens. In 1968 wordt hij daarom uit The Temptations gezet. Ondertussen is de stormachtige verhouding van Ruffin met zangeres Tammi Terrell ook op de klippen gelopen. Samen met Marvin Gaye (zie onderstaande foto) levert Terrell van april 1967 tot de zomer van 1968 hit na hit af met liedjes als ‘Ain’t No Mountain High Enough’, ‘Your Precious Love’, ‘If I Could Build My Whole World Around You’, ‘Ain’t Nothing Like The Real Thing’ en ‘You’re All I Need To Get By’. Als Terrell tijdens een optreden met Gaye klaagt over hoofdpijn en flauwvalt, blijkt ze echter een hersentumor te hebben. Meerdere operaties mogen niet baten en in 1970 sterft de zangeres op 24-jarige leeftijd. Volgens sommigen zou Ruffin, die Terrell tijdens hun relatie fysiek en verbaal mishandelde, verantwoordelijk zijn voor haar vroegtijdige overlijden.

Na de breuk met The Temptations gaat Ruffin solo verder. Hij maakt in 1970 onder meer een album met zijn broer Jimmy, en vijf jaar later worden van zijn single ‘Walk Away From Love’ (zie hieronder) meer dan een miljoen exemplaren verkocht. Maar omdat Ruffin niet los weet te komen van de drugs wordt in 1977 zijn contract bij Motown ontbonden. Een reünie van The Temptations is begin jaren tachtig geen lang leven beschoren als Ruffin shows begint te missen en voor de tweede keer uit de groep wordt gezet.

In de daaropvolgende jaren bekostigt Ruffin zijn verslaving middels lucratieve concertreeksen. Na meerdere malen in aanraking te zijn gekomen met justitie, wegens onder meer belastingontduiking en drugsbezit, wordt de zanger echter zijn huis in Detroit uitgezet. In 1989 wordt Ruffin samen met de andere leden van The Temptations nog toegelaten tot de Rock and Rock Hall of Fame. Maar twee jaar later verliest hij zijn strijd tegen de drugs. In de vroege ochtend van 1 juni 1991 wordt Ruffin na een bezoek aan een crackpand in Philadelphia bewusteloos bij het ziekenhuis afgeleverd. Hij sterft er binnen een uur met slechts 53 dollar op zak. Op 17 augustus 2013 wordt Ruffin – die in Detroit begraven ligt op de Woodlawn Cemetery – als solo-artiest postuum toegelaten tot de Rhythm and Blues Hall of Fame.

David Ruffin was zonder twijfel een van de beste zangers van de vorige eeuw. Zijn verwerpelijke omgang met vrouwen roept echter de nodige vragen op. Is het bijvoorbeeld moreel verantwoord de artiest van zijn kunst te scheiden? Oftewel: kan je genieten van de schoonheid van hits als ‘Beauty Is Only Skin Deep’ terwijl je tegelijkertijd de persoon David Ruffin veracht? Ieder zal hier voor zich een antwoord op moeten formuleren. Zelf worstel ik er mee. Op het moment dat ik dit schrijf geven de verschrikkingen die Tammi Terrell heeft moeten ondergaan de doorslag. Om eerlijk te zijn weet ik niet of dit ook zo zou zijn mocht ik over een paar maanden Ruffin de sterren van de hemel horen zingen in ‘It’s Growing’. Maar ik hoop het wel.

Meer lezen?

https://www.freep.com/story/entertainment/music/brian-mccollum/2019/05/07/david-ruffin-avenue-detroit-temptations-singer/1131830001/

https://michiganchronicle.com/2019/06/25/david-ruffin-avenue-unveiled-in-detroit/

Zondag 16 juni: Hypotheekleed


De meeste economen zijn het er wel over eens dat tijdens het presidentschap van Ronald Reagan de kiem werd gelegd voor de financiële crisis die in 2008 in alle hevigheid toesloeg. Dankzij het dereguleringsbeleid van Reagan konden financiële instellingen zich in rap tempo ontwikkelen tot enorme ondernemingen die wereldwijd verantwoordelijk waren voor miljarden dollars aan vermogen. De opkomst van allerlei complexe financiële instrumenten zou de sector aan de rand van de afgrond brengen. Met name de wijdverbreide handel in hypotheekleningen – securitisatie – was debet aan de verwoestende kredietcrisis. Een financieel product dat voor het eerst in de jaren tachtig werd uitgerold, zorgt nu in steden als Detroit opnieuw voor de nodige problemen: de ‘reversed mortgage’.

 

Bij een ‘reversed mortgage’ (zorghypotheek of omgekeerde hypotheek) kunnen oudere huizenbezitters (een deel van) de (over)waarde van hun woning te gelde maken door een extra lening af te sluiten. Het geld dat hiermee vrijkomt kan onder meer gebruikt worden om andere schulden af te betalen, in het levensonderhoud te voorzien of de woning op te knappen. In de VS vindt de vereffening van de nieuwe lening vaak pas plaats na het overlijden van de lener of na de verkoop van het huis (bij verhuizing).

 

Recent onderzoek van USA Today heeft uitgewezen dat in Detroit tussen 2013 en 2017 bijna 2.000 personen die een ‘reversed mortgage’ hadden afgesloten door betalingsproblemen hun woning verloren. Daarmee spande de stad landelijk de kroon. De Motor City was een aantrekkelijke markt voor de verschaffers van dit type hypotheekleningen vanwege de grote aantallen oudere huizenbezitters. Financiële dienstverleners verdienden er goed geld aan de hoge rentepercentages en afsluitkosten. Een van de marktleiders is One Reverse Mortgage (ORM), dat deel uitmaakt van het imperium van de lokale zakenman en miljardair Dan Gilbert. In 2018 behaalde ORM met de verkoop van ‘reversed mortgages’ een omzet van bijna 800 miljard dollar.

‘Reversed mortgages’ werden tot voor kort vrij soepel verstrekt. Een analyse van het inkomen van de aanvrager van de lening kon soms middels een telefonisch gesprek binnen 20 minuten afgehandeld worden. Dalende huizenprijzen gecombineerd met een snel oplopende schuld zorgden er vervolgens voor dat veel mensen in de problemen kwamen. Met de kennis van nu lijkt ‘downsizing’, waarbij mensen hun huis verkopen en goedkoper gaan wonen, dan ook een verstandigere manier om geld uit stenen te halen.

Meer lezen?

https://www.usatoday.com/story/money/2019/06/12/reverse-mortgages-how-do-they-work-and-who-should-consider-one/2881617002/

https://www.freep.com/story/news/investigations/2019/06/14/detroit-leads-nation-reverse-mortgage-foreclosures/1442186001/

Zondag 9 juni: Ford v Ferrari

Aan het begin van de jaren zestig is brandstof in de VS spotgoedkoop en stijgen de inkomens van gezinnen fors. In 1962 voorspelt Henry Ford II (zie onderstaande foto) aan de vooravond van de jaarlijkse toonaangevende autoshow in Detroit dan ook een enorme groei van de autoproductie. Volgens ‘Hank the Deuce’ vormen met name ‘babyboomers’ een potentiële goudmijn. De baas van de Ford Motor Company verwacht dat in de nabije toekomst meer vrouwen een rijbewijs zullen bezitten en iedere familie minstens twee auto’s voor de deur zal hebben staan.

Amerikaanse auto’s worden in de tweede helft van de vorige eeuw sportiever, luxer en extravaganter. Geïnspireerd door de vliegtuigindustrie worden bijvoorbeeld verschillende nieuwe modellen voorzien van hippe staartvinnen (‘tail fins’). En ook zogenaamde ‘muscle cars’ – auto’s die een naar verhouding grote motor hebben – doen hun intrede op de markt. Ford introduceert in 1964 de Mustang. Het is een stijlvolle auto die vooral de jeugd moet aanspreken. Grote man achter de Mustang is Lee Iacocca (zie onderstaande foto), een marketeer die in 1960 op 36-jarige leeftijd was benoemd tot het jongste hoofd van een Ford-divisie ooit. Iacocca en zijn team ontwerpen een hippe, futuristische auto die appelleert aan een gevoel van vrijheid. Mede dankzij het succes van de Mustang komt het aantal verkochte auto’s in de VS in 1964 voor het eerst boven de acht miljoen uit.

In de plannen van Henry Ford II is in die tijd ook een plek weggelegd voor een raceteam. Op een gegeven moment probeert ‘HF2’ hiertoe zelfs Ferrari te kopen, maar als oprichter Enzo Ferrari (zie onderstaande foto) de deal na maanden onderhandelen vervolgens afblaast is de rancune groot. De oudste kleinzoon van Henry Ford is daarop vastberaden. Hij wil de Italianen in het hart raken door de dominantie van Ferrari bij de 24 uur van Le Mans te doorbreken. (Auto’s uit de stal van Enzo Ferrari wisten de racewedstrijd aan het begin van de jaren zestig zes keer op rij te winnen.)
‘Go to Le Mans, and beat his ass,’ zou Ford naar verluidt tegen een van zijn managers hebben gezegd. Het ontwerpteam van de Amerikaanse autoproducent krijgt de opdracht een superwagen te bouwen die de strijd moet aangaan met Ferrari. ‘In going into GT racing, we feel we are accepting the toughest challenge presently available to the minds and talents of motor car builders,’ verklaart Iacocca tegenover de pers. Er worden miljoenen dollars geïnvesteerd en het resultaat is de Ford GT40 (zie onderstaande foto). Na enkele teleurstellende resultaten komt de leiding van het programma in handen van oud-racer Carroll Shelby.

Shelby gaat aan de slag met de Britse coureur Ken Miles, die daarop in 1966 met de Ford GT40 zowel de 12 uur van Sebring als de 24 uur van Daytona op zijn naam weet te schrijven. Het volgende doel is Le Mans, waar uiteindelijk 13 auto’s van Ford (tegenover slechts twee Ferrari’s) aan de start verschijnen. Voor de gelegenheid komt Henry Ford II speciaal overgevlogen uit de VS. In de pitstraat geeft hij zijn visitekaartje aan de leider van zijn raceteam. ‘You better win,’ heeft ‘the Deuce’ op de achterkant geschreven.


De 24 uur van Le Mans in 1966 hoort tot de meest legendarische races in de geschiedenis van de autosport. Een scenarioschrijver uit Hollywood zou het sensationele wedstrijdverloop waarschijnlijk zelf niet hebben kunnen verzinnen. De door de regen geplaagde race kent een dramatisch einde, waarbij bedenkelijke teamorders een doorslaggevende rol spelen.

Dit bijzondere verhaal is over een aantal maanden te zien op het witte doek. In de film ‘Ford v Ferrari’ – gebaseerd op het boek ‘Go Like Hell’ van A.J. Baime – wordt ontwerper Caroll Shelby gespeeld door Matt Damon, coureur Ken Miles door Christian Bale (‘You’re going to build a car to beat Ferrari…..with a Ford?’) en Ford-topman Lee Iacocca door Jon Berthal. De indrukwekkende filmtrailer (zie hierboven) was zondag 2 juni voor het eerst te zien. ‘This isn’t the first time Ford Motor has gone to war….Go to war,’ zegt een kille Henry Ford II (acteur Tracy Letts) halverwege de twee minuten durende video tegen Shelby. Edsel Ford II, de oudste zoon van ‘HF2’, tweette na het zien van de trailer het volgende: ‘I think I might miss opening night! I knew Henry Ford II and Tracy Letts is no Henry Ford II.’

Ok, very well. Ikzelf (zie de foto hieronder, in 2014 op het dak van de oude Ford Piquette Avenue Plant in Detroit, Michigan) kan in ieder geval niet wachten.

Nederlandse releasedatum ‘Ford v Ferrari’: 14 november 2019 (één dag voor de officiële Amerikaanse release).

Meer informatie over alle bijzondere ‘Motor City-sights’ die je in/rondom Detroit kunt bezoeken: Motor City

Zie ook: www.detroithetboek.nl/tips/

Meer over ‘Ford v Ferrari’ lezen?
https://www.detroitnews.com/story/business/autos/ford/2019/06/04/ford-v-ferrari-roars-into-theaters-nov-15/1344987001/
https://www.whichcar.com.au/features/the-story-ford-1966-le-mans-victory
https://www.topgear.com/car-news/pioneers/heres-the-real-story-behind-le-mans-winning-ford-gt40-roy-lunn
https://www.nytimes.com/2016/06/17/sports/autoracing/when-ford-conquered-ferrari-at-le-mans.html
https://www.freep.com/story/entertainment/movies/julie-hinds/2019/06/03/ford-ferrari-trailer-matt-damon-christian-bale-jon-bernthal/1326019001/

Zondag 2 juni: Mogelijke fusie Fiat Chrysler en Renault voorbode van een nieuwe consolidatieslag in de auto-industrie.

Afgelopen vrijdag kondigde president Donald Trump aan vanaf 10 juni een invoerbelasting van vijf procent te gaan heffen op alle Mexicaanse goederen en diensten. Diezelfde dag doken de aandelen van de Big Three – General Motors (GM), Ford en Fiat Chrysler Automobiles – op Wall Street in het rood. Een groot deel van de productie van de autoproducenten komt namelijk uit Mexico.

De wereldwijde handelsoorlog stelt de auto-industrie voor grote uitdagingen. Tevens ligt de piek in de autoverkopen wel achter ons, ondervinden de traditionele autoproducenten concurrentie van nieuwe spelers als Tesla en Uber, en vergt de transformatie naar de productie van elektrische en autonome auto’s alle aandacht. Stil blijven zitten is dus geen optie meer.

In het kader van een grote hervormingsoperatie liet Jim Hackett, de CEO van de Ford Motor Company (zie bovenstaande foto), recentelijk weten afscheid te nemen van 7.000 werknemers. De onderneming hoopt hiermee op jaarbasis 600 miljoen dollar te besparen, maar volgens velen is dit niet genoeg om de komende storm op de automarkt te overleven. ‘The bottom line is that Ford’s announced job cuts are absurd,’ meent bijvoorbeeld analist Jon Gabrielsen, die autoproducenten en toeleveranciers adviseert. ‘No one who analyzes the Ford situation believes that 7,000 job cuts remotely scratches the surface of what will be required for Ford’s long-term longevity.’ De meeste deskundigen verwachten dan ook dat tot 2022 nog minstens 23.000 Ford-werknemers hun biezen zullen moeten pakken. Van de Big Three heeft Ford nog wel de meeste Amerikaanse arbeiders in dienst: 86.000. Maar de positie van de autoproducent staat al enige tijd onder druk. ‘Ford is a rapidly shrinking presence in the global market. Over the past 10 years, Ford has lost a quarter of its global market share — from 7.9% to 5.9%,’ aldus Gabrielsen.

 

Ook Fiat-Chrysler Automobiles (FCA) bereidt zich voor op een mogelijk roerige toekomst. Op maandag 27 mei deed de autoproducent de Franse concurrent Renault een fusievoorstel. ‘The proposed combination would create a global automaker, preeminent in terms of revenue, volumes, profitability and technology, benefiting the companies’ respective shareholders and stakeholders. The combined business would sell approximately 8.7 million vehicles annually, would be a world leader in (electric vehicle) technologies, premium brands, SUVs, pickups and light commercial vehicles and would have a broader and more balanced global presence than either company on a standalone basis,’ aldus FCA in een verklaring. Renault liet in een reactie hierop weten het plan aandachtig te zullen gaan bestuderen.

Beide ondernemingen vullen elkaar prima aan. FCA is sterk in Noord-Amerika (zeven miljard dollar winst in 2018) maar zwak in Europa (450 miljard dollar winst in 2018), terwijl voor Renault juist het tegenovergestelde geldt. Met de fusie zou volgens FCA bovendien bijna zes miljard dollar kunnen worden bespaard door te profiteren van schaalvoordelen. Daarnaast hoopt de Italiaans-Amerikaanse autoproducent – zelf goed vertegenwoordigd in het luxesegement en op de markt voor SUV’s – gebruik te kunnen maken van de kennisvoorsprong die Renault heeft bij de productie van goedkope, kleine en elektrische auto’s.

Mochten Renault en de mededingingsautoriteiten in de VS en Europa uiteindelijk instemmen met de fusie, dan ontstaat er een nieuwe autoreus met een geschatte marktwaarde van bijna 40 miljard dollar. Gezamenlijk behaalden FCA en Renault in 2018 een omzet van 191 miljard dollar en een winst van 9 miljard dollar. En alleen Toyota en Volkswagen verkopen jaarlijks meer auto’s. Aardige bijkomstigheid: het hoofdkantoor van de fusieonderneming wordt mogelijk – om belastingtechnische redenen – in Nederland gevestigd.

De verwachting is dat andere autoproducenten in de voetsporen van FCA en Renault zullen treden. De moederonderneming van Peugeot en Citroën (PSA) staat bijvoorbeeld al een tijdje in de etalage. En uit China komen geluiden dat de overheid een fusie voorbereidt tussen enkele staatsondernemingen. Het versterken van partnerschappen, zoals tussen Volkswagen en Ford, is ook een optie.

Hoe het ook zij, de auto-industrie gaat spannende tijden tegemoet.

Update vrijdag 6 juni: Fiat Chrysler trekt het voorstel tot fusie met Renault in. De politieke omstandigheden in Frankrijk staan een samengaan van de twee autoproducenten op dit moment in de weg.

Meer lezen?
https://www.freep.com/story/money/cars/chrysler/2019/05/27/fca-renault-merger-announced/1246855001/
https://www.msn.com/en-us/money/companies/bigger-cuts-expected-23000-more-ford-layoffs-needed-analysts-say/ar-AABJx6v
https://www.economist.com/business/2019/05/30/fiat-chrysler-seeks-a-merger-with-renault
https://www.detroitnews.com/story/business/autos/chrysler/2019/05/27/fiat-chrysler-merger-bid-for-renault-comes-amid-market-upheaval/1249509001/

Zondag 26 mei: H.O.M.E.S. en gentrificatie

In 2015 brengt de Detroitse rapper Chace Morris – artiestennaam: Mic Write – samen met Doss the Artist het lied ‘H.O.M.E.S.’ uit. Het is een indrukwekkende liefdesverklaring aan Detroit. ‘My city, my block, my street,’ rapt Morris, terwijl hij in de video van het nummer door de stad loopt. Detroit is de plek waar hij geboren en getogen is, en die ook voor honderdduizenden anderen – ondanks alle problemen – hun thuis is. Niet voor niets staat de afkorting ‘H.O.M.E.S.’ dan ook voor ‘Heaven Of My Everyday Surroundings’. ‘If you grow up in this space, you can appreciate the beauty,’ aldus Morris.

Maar ‘H.O.M.E.S.’ is meer dan alleen een ode aan Detroit. In het nummer keert Morris zich ook nadrukkelijk tegen gentrificatie. ‘These our HOMES. These our HOMES. Y’all can’t take em. Y’all cant take em. These our HOMES. These the places we grew up. These the sets that we threw up. This our crib. This our rib. Y’all can’t take what I aint gone give,’ rapt hij in het refrein. Vrienden van Morris moesten de afgelopen jaren uit Greater Downtown Detroit verhuizen omdat ze de huur niet meer konden betalen of plaats moesten maken voor nieuwbouw. Volgens de rapper voelen vooral veel zwarte Detroiters zich door de recente opleving van de stad buitengesloten, en vrezen ze een deel van hun identiteit te verliezen.

Toen in de jaren 60 van de vorige eeuw de Engelse landadel – de ‘gentry’ – de arbeidersklasse in delen van Londen verdrong, was een nieuwe term geboren: gentrificatie. Gentrificatie is een stedelijk economisch proces waarbij een achterstandswijk een groeispurt doormaakt en nieuwe investeringen en bewoners aantrekt. De eerste golf nieuwkomers wordt meestal gevormd door kunstenaars, creatievelingen en andere avonturiers. En na verloop van tijd volgt de tweede, meer welvarende groep, die bestaat uit onder meer advocaten, bankiers en ‘techies’. Door de toenemende vraag naar woonruimte nemen de huren en huizenprijzen in de buurt toe en zien de oorspronkelijke ondernemingen en inwoners zich genoodzaakt te verhuizen. Dit fenomeen heeft zich de afgelopen jaren ook in Greater Downtown Detroit voorgedaan.

Het zijn ontwikkelingen die aan veel – voornamelijk zwarte – Detroiters voorbijgaan. Langzaam maar zeker bekruipt hen het gevoel de grip op een deel van hun stad te verliezen. ‘They lived there with the promise that restaurants and stores would come and now that they are coming is the time when some of them may not be able to remain in their places,’ aldus Tam Elisabeth Perry, assistent professor sociale dienstverlening aan Wayne State University, begin 2017.

Vorige week zaterdag (18 mei 2019) troffen de vroege bezoekers van de Eastern Market, een populair marktdistrict ten noordoosten van downtown Detroit, geel waarschuwingstape aan met de opdruk ‘Gentrification in Progress’. Het bleek onderdeel te zijn van een protestactie van de kunstenaar Ann Lewis (zie bovenstaande foto). Doelwit van Lewis was de controversiële 30-jarige projectontwikkelaar Sanford Nelson. Nelson bezit tientallen panden in de buurt en wordt ervan beschuldigd recentelijk lokale ondernemers te hebben verdreven door de huurprijzen te verhogen.

‘As someone who has been displaced because of gentrification (my whole 28-unit live/work building in Brooklyn was evicted to make way for luxury rentals), I have a genuine understanding of being broke with no steady income to prove I can pay rent consistently while looking for housing. I saw developers destroy the cultural fabric of my neighborhood,’ schreef de oorspronkelijk uit New York afkomstige Lewis op haar website. ‘So when I heard about the onslaught of changes happening in Eastern Market at some point, I had just had enough, because I had seen it all before.’ De actie van Lewis werd binnen de kortste keren ontmanteld. Maar dat daarmee de storm rondom het onderwerp gentrificatie in Detroit is gaan liggen, is natuurlijk een illusie.

Meer lezen?
https://eu.freep.com/story/entertainment/arts/2019/05/18/eastern-market-gentrification-detroit-protest-art/3720207002/
http://www.deadlinedetroit.com/articles/22374/update_detroit_artist_ann_lewis_tells_why_she_calls_out_gentrification_in_progress